maandag 20 mei 2019

Schotland zomer 2016, Orkney met de eilanden Mainland en Hoy

Wij namen met beide auto's de boot bij Scrabster en kwamen twee uur later aan op Mainland, het meest centraal gelegen en grootste eiland van de Orkney's. Na ruim een uur varen doemde de rotskust van het eiland Hoy, met de markante steenpilaar The Old Man of Hoy, aan stuurboord op.
Deze Jan van Gent verwelkomde ons op Mainland, waar wij drie nachten zouden logeren in de hoofdstad Kirkwall.
Onze vriendelijke gastheer Adam gaf ons wat tips over mooie plekken aan de westkust: met o.a. de prehistorische resten van de nederzetting Skara Brae en een prachtig hooggelegen deel van de kust, waar zeevogels broeden. Eerst kwamen wij nog langs The Ring of Brodgar, een mystieke Keltische plek die ons deed denken aan Stonehenge.

Na deze bijzondere duik in het verleden, bleek Adam ons een prima plek te hebben aangeraden, voor het zien van zeevogels. Voorzichtigheid was echter geboden, want het was hoog, het waaide behoorlijk en de golven van de Atlantische Oceaan sloegen met enorme kracht op de rotsen beneden.
Ik zag een Noordse Stormvogel (Nosto, in vogelaars jargon) vlak voor de rand tegen de wind in hangen en toen daarachter verdwijnen. Ik wist genoeg. Nu dus behoedzaam naar de rand van de klif.
Ik vond een plek, waar ik achter het laatste stuk rots kon hurken en mijn camera op de rugzak kon leggen, als ondersteuning. Wat ik zag was fascinerend, maar wekte ook wel mijn verbazing: de Nosto's hadden er inderdaad een nest met een jong, maar wel heel dicht onder de rand van de klif. Een plek waar dagelijks busladingen met toeristen komen. Wellicht heeft het merendeel van hen, dit echter geen eens in de gaten.
Ik liet de vogels even wennen aan mijn aanwezigheid en kon toen deze opnames maken.
Uitsnede van foto van een jonge Noordse Stormvogel
Beide oudervogels
Op de rotspunt tegenover mij, die nog iets verder de zee in stak, zag ik opeens nog een jong met ouder, geheel in de openlucht, zonder enige beschutting van boven, maar wel beschermd tegen de westenwind.
Uitsnede foto van het jong met adulte vogel, op de opvallende open nestplaats.
Iets meer naar rechts op de rotswand, zat er op slechts enkele meters afstand een Zwarte Zeekoet mij doodleuk aan te kijken. Echt bizar, zo'n beest in zomerkleed vlak voor je neus. Een vogel notabene waar wij bij ons in de wintermaanden echt wel even wat moeite voor moeten doen, om hem in winterkleed met name bij de Brouwersdam aardig in beeld te kunnen krijgen.
De volgende ochtend vroeg ging ik samen met Kees met de postboot van Mainland naar Hoy. Het eiland staat o.a. bekend om zijn kolonie Grote Jagers. Onze gastheer had de reservering geregeld, evenals een locale farmer, die ons die ochtend naar wat mooie plekjes op het eiland zou brengen. We zouden de dames in de middag weer op Mainland zien bij de fraaie Viking-kerk in Kirkwall. Met het postbootje staken wij de Hoy Sound over, een van de meest ruwe stukken zee aan de rand van de Atlantische Oceaan. Er stond een pittig windje, maar het was te doen. Aan boord voornamelijk werklieden, die voor hun werk de dagelijkse overtocht maakten.
Niet ver van de kust van Hoy, zagen we de eerste Grote Jagers, die een Jan van Gent lastig vielen.
Het eiland Hoy
Mister Clarke, een locale farmer en onze gids voor die ochtend, stond ons al bij het haventje op te wachten met zijn Ford Transit. Hij liet ons eerst wat mooie plekjes aan de zuidzijde van Hoy zien, waarna hij ons even later afzette bij het begin van een diep gelegen vallei. Daar was goede kans op Jagers aldus mr. Clarke. Kees en ik zouden daar dwars doorheen een hike maken, waarna mr. Clarke ons anderhalf uur later op zou pikken aan de noordkant van het eiland.
Rustende Grote Jager op Hoy
Links het "pad" te zien dat wij moesten volgen: het was drassig en glibberig. Na een eerste glijpartij, die goed afliep, besloot ik om mijn foto-uitrusting in mijn rugzak op te bergen. Dan maar geen vluchtfoto's van vogels tijdens deze hike.
We passeerden op onze route over het geleidelijk stijgende pad, een meertje met allemaal badderende Grote Jagers. We lasten een korte foto pauze in, om vanaf het pad wat opnames te maken. Dichter naderen was om drie redenen geen optie:-het was veel te moerasachtig, -het zou extra tijd vragen en -de Jagers zouden zeer waarschijnlijk gestoord worden bij hun badritueel. De volgende foto's zijn dan ook behoorlijke uitsneden.
Het bad der Grote Jagers: de lichtere vogels zijn over het algemeen de adulten.
We vervolgen onze tocht door deze natte vallei, met zijn heide, veenmossen, talrijke gras- en plantensoorten. We zien vlinders, ja ook muggen, maar weinig andere vogelsoorten: de Grote Jagers heersen in deze vallei en verschijnen geregeld in beeld.
Zowaar een Graspieper die zich laat zien.
We lijken het hoogste punt te naderen
We bereiken uiteindelijk na iets minder dan twee uur het rendez-vous punt, waar mr. Clarke keurig op ons staat te wachten. Na nog een stop bij een bergwand, waar ver weg een Steenarenden nest moet zitten, keren wij begin van de middag met de postboot weer terug naar Mainland.
De mooiste opname van een Grote Jager maakte ik, toen het net begon te regenen, vanuit de Transit, uit de hand, voor de bestuurder langs.
Grote Jager, Hoy Orkney, 29-07-2016
Op de terugweg naar Mainland, verscheen er een Noordse Stormvogel achter de boot, die enige tijd met ons mee vloog. Kort hierna zag ik een Jager over het water scheren, wat een Kleine Jager bleek te zijn.
Het eilandje Graemsay, met op de achtergrond de kust van Hoy.
Kleine Jager lichte vorm, bij tegenlicht. Hij passeerde zo snel, dat ik geen tijd had om de belichting te corrigeren.
De haven van Stromness
De stoere en heel bijzondere Viking-kerk uit de 11e eeuw in Kirkwall, waar wij met onze dames hadden afgesproken.
De laatste dag op Orkney maakten we nog een tocht langs de West- en Noord kust van Mainland, wat nog een paar aardige beelden opleverde.
Gewone Eider vrouwtjes. De linker vogel lijkt een wat lachend gezicht te hebben, een van de kenmerken van Koningseider, maar het verenkleed en de doorlopende bevedering op de snavel tot onder het neusgat, zijn contra indicaties.
Het Nosto-jong van twee dagen eerder ligt er rustig bij, wachtend op een oudervogel met vis.
Juveniele Tapuit lijkt mij.
We misten helaas de Puffins in de Noord-West hoek van het eiland, doordat gastheer Adam ons daar niet opmerkzaam op maakte en ik zelf te laat in een folder keek.
De volgende ochtend vroeg vertrokken wij weer met de Ferry naar het vasteland van Noord Schotland, waarbij we weer langs The old man of Hoy kwamen. Klimmers vinden het een uitdaging, om deze natuurlijke steenpilaar te bedwingen, zo vertelde daags ervoor mr. Clarke ons.
Een "lijntje" Puffins kruist onze route, op weg naar visrijke plekken in de oceaan.
* Het laatste Schotland 2016 deel, verschijnt van de zomer. Dit Blog gaat nu even op de pauze-stand vanwege een korte vakantie in het Hoge Noorden en daarna de komst van familie uit Zuid Afrika.

2 opmerkingen:

  1. Aardig blog John. De Noorse stormvogel en de zwarte zeekoet springen er uit. Prachtig. Verder heb je een aardig beeld geschetst van dit ruwe Schotse landschap.
    Groeten
    Frans

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Weer een mooie ervaring John en mooi vereeuwigd. Klasse!

    BeantwoordenVerwijderen